StartpaginaAI‑verordeningAI‑geletterdheid
Art. 4 AI‑verordening AI‑geletterdheid: wat de verplichting van u vraagt.
Sinds 2 februari 2025 moeten bedrijven die AI gebruiken de AI‑geletterdheid van hun team bevorderen. De Digitale Omnibus heeft deze plicht in juli 2026 opnieuw vastgesteld, maar niet afgeschaft. Hier leest u wat dat nu voor u betekent.
Stand oktober 2026, getoetst aan de verordeningstekst. Algemene informatie, geen juridisch advies.
Wat art. 4 nu vraagt
Aanbieders en gebruiksverantwoordelijken van AI‑systemen treffen maatregelen om de ontwikkeling van de AI‑geletterdheid van hun personeel en van andere personen die namens hen werken te ondersteunen (art. 4 lid 1 in de versie sinds 27 juli 2026).
Daarbij tellen de voorkennis, de ervaring en de opleiding van de mensen, de context waarin AI wordt ingezet en de personen bij wie ze wordt ingezet. Een bepaald kennisniveau van individuele personen hoeft u uitdrukkelijk niet te garanderen.
De oorspronkelijke versie verlangde dat men naar beste vermogen zorgde voor een toereikend niveau van AI‑geletterdheid. De nieuwe versie zet in op serieuze, passende maatregelen. De plicht blijft dus bestaan, het is een inspanningsverplichting.
AI‑geletterdheid betekent de vaardigheden, kennis en het begrip om AI deskundig in te zetten en zich bewust te zijn van de kansen, risico’s en mogelijke schade (art. 3 punt 56).
Voor wie de plicht geldt
- Voor elk bedrijf dat AI beroepsmatig gebruikt of ontwikkelt, ongeacht zijn omvang en het risico van de toepassing.
- Voor medewerkers die met AI werken en voor andere personen die namens u werken, zoals freelancers.
- De omvang richt zich naar het gebruik: wie incidenteel teksten laat opstellen, heeft minder nodig dan een team dat met AI offertes calculeert.
- Strenger wordt het bij hoogrisico-AI: wie daar het menselijk toezicht uitoefent, heeft competentie, opleiding en bevoegdheid nodig (art. 26 lid 2), vanaf 2 december 2027.
Inhoud Wat zinvolle AI‑geletterdheid omvat.
De verordening schrijft noch inhoud noch duur voor. Deze zes bouwstenen volgen uit het doel van art. 4.
-
Basis
Hoe generatieve AI werkt, waarom ze overtuigend klinkt en toch kan dwalen.
-
Uw hulpmiddelen
De programma’s die in uw bedrijf zijn goedgekeurd, geoefend aan taken uit het eigen dagelijks werk.
-
Gegevens
Wat in welk programma mag en wat niet: klantgegevens, personeelsgegevens, bedrijfsgeheimen.
-
Controleren en verantwoordelijkheid
Resultaten natrekken, bronnen vragen. Beslissingen blijven bij de mensen.
-
Regels van de verordening
Verboden toepassingen, transparantieplicht en het punt waarop een toepassing hoogrisico wordt.
-
Verdiepen naar rol
Directie, vakafdelingen en personeelszaken hebben verschillende diepgang nodig.
Een richtlijn, geen officiële voorschrift.
Contact opnemenDocumentatie in het bedrijf
De verordening verlangt geen certificaat en geen examen. Toch is het zinvol vast te leggen welke maatregelen u hebt genomen. Zo kunt u tegenover toezichthouder, klanten of opdrachtgevers laten zien dat u de plicht serieus neemt.
- Wie wanneer is opgeleid.
- Welke inhoud en documenten zijn gebruikt.
- Welke AI‑richtlijn geldt, met datum.
- Wanneer wordt opgefrist, bijvoorbeeld bij nieuwe programma’s, nieuwe taken of nieuwe medewerkers.
Een korte AI‑richtlijn hoort erbij
Een opleiding werkt pas als iedereen weet wat er daarna geldt. Een AI‑richtlijn voor uw bedrijf hoeft niet lang te zijn. Zij beantwoordt vier vragen:
- Welke AI‑programma’s zijn goedgekeurd, en met welke accounts?
- Welke gegevens mogen er niet in?
- Wanneer worden AI‑resultaten gecontroleerd of gemarkeerd?
- Wie is aanspreekpunt bij vragen?
Opzet, inhoud en totstandkoming leest u op onze pagina over de AI‑richtlijn voor bedrijven.
Zo ondersteunen wij u
-
Consultancy voor de directie
Waar uw bedrijf staat, wat de verordening verlangt en welke stappen eerst komen.
-
AI‑richtlijn en documenten
Wij stellen met u een AI‑richtlijn voor uw medewerkers op en leggen vast wat uw team moet weten, schriftelijk voor uw eigen documentatie.
Meer hierover op de pagina over AI‑consultancy voor bedrijven.
Meer onderwerpen rond de AI‑verordening
Veelgestelde vragen over AI‑geletterdheid
Is een AI‑opleiding verplicht?
Art. 4 vraagt maatregelen die de AI‑geletterdheid bevorderen en noemt de opleiding niet uitdrukkelijk. In de praktijk is een opleiding die past bij taken en programma’s echter de voor de hand liggende weg.
Heeft de Digitale Omnibus de plicht afgeschaft?
Nee. Hij heeft art. 4 opnieuw vastgesteld: bedrijven treffen maatregelen ter bevordering van de AI‑geletterdheid, zonder een bepaald niveau te hoeven garanderen. Daarnaast moeten Commissie en lidstaten vooral het mkb daarbij ondersteunen (art. 4 lid 2).
Geldt de plicht ook als wij alleen een AI‑chat voor teksten gebruiken?
Ja. Art. 4 geldt voor alle gebruikers, ongeacht het risico. De omvang mag zich wel richten naar het feitelijke gebruik. Alleen louter privégebruik is uitgezonderd.
Hebben wij een AI‑functionaris nodig?
De AI‑verordening schrijft geen AI‑functionaris voor. Een vast aanspreekpunt voor vragen over AI is toch nuttig en kunt u in de AI‑richtlijn vastleggen.
Hebben wij een certificaat nodig als bewijs?
Nee. De verordening schrijft geen vorm voor. Een schriftelijke vastlegging van deelnemers, datum en inhoud is een eenvoudig en zinvol bewijs.
Welke boete dreigt bij ontbrekende AI‑geletterdheid?
Art. 99 noemt voor art. 4 geen eigen boetekader. Sancties worden door de lidstaten vastgesteld (art. 99 lid 1). Los daarvan beschermt een goed opgeleid team tegen de meest voorkomende fouten met AI.
Hoe vaak moet er worden bijgeschoold?
Er is geen termijn. Een opfrisbeurt is zinvol wanneer er nieuwe programma’s, nieuwe taken of nieuwe medewerkers bijkomen.
Wilt u AI‑geletterdheid in uw bedrijf waarborgen?
Schrijf ons hoeveel mensen bij u AI gebruiken en waarvoor. Wij nemen persoonlijk contact op, gratis en vrijblijvend.